ADVOCAAT IN VREEMDELINGENRECHT, NATIONALITEIT EN IPR
![Sara Zaanani, avocate en droit des étrangers, droit de l’immigration, droit de la nationalité et droit familial international Sara Zaanani, avocate en droit des étrangers, droit de l’immigration, droit de la nationalité et droit familial international](/images/stories/avocats/sara-zaanani-333x500.jpg)
Email :
Tel : +32(0)2 894 45 79
Sara Zaanani kwam begin 2021 werken bij het advocatenkantoor Altea, in eerste instantie als juriste, tot ze de eed als advocaat aflegde bij de balie van Brussel.
Bij Altea maakt deel uit van het advocatenteam dat zich specialiseert in vreemdelingenrecht en internationaal familierecht.
Zo beoefent ze dagelijks het vreemdelingenrecht (Europeanen, werknemers, studenten, vluchtelingen, begunstigden van subsidiaire bescherming, gezinshereniging, visa enz.), het internationaal privaatrecht (bevoegde rechtbank, toepasselijk recht, enz.) en het internationaal familierecht (huwelijk, echtscheiding, afstamming, adoptie, nietigverklaring van het huwelijk, erkenning van buitenlandse vonnissen en akten enz.).
Tijdens haar laatste masterjaar publiek en internationaal recht aan de Université Libre de Bruxelles (ULB), dat zij afrondde met onderscheiding, liep zij stage bij Myria, het Federaal Migratiecentrum. Daar maakte zij indruk met haar analytisch vermogen, haar empathie, haar doorzettingsvermogen en haar zin voor initiatief.
In haar masterscriptie, waarvoor zij eveneens onderscheiding behaalde, behandelde zij het volgende onderwerp: “Naar een inclusief beleid voor seksuele en seksistische misdaden? Een jurisprudentiële analyse van de situatie in de Democratische Republiek vanuit in een feministisch perspectief” [vrij vertaald].
Zij zette zich als vrijwilliger in bij de Sister’s House van het Burgerplatform voor steun aan vluchtelingen en is nog altijd actief lid van de commissie vreemdelingen van de Liga voor Mensenrechten. Verder werkte zij mee aan een sensibiliseringscampagne voor Police Watch, het meldpunt voor politiegeweld.
Ze nam ook deel aan een juridische kliniek over rechten en vrijheden, waar zij meeschreef aan een voorstel van omzetting van de Richtlijn 2019/1937 betreffende de bescherming van klokkenluiders.